19 mei 2011

Nieuwe stationsplannen

Gisteravond werd in een goed gevuld tuinhuisje op de Reehorst de tweede schets van het stationsontwerp voor Driebergen-Zeist gepresenteerd. Het ontwerp was meer uitgewerkt dan in december. We zagen enkel grote verbeteringen, maar ook nog een paar onmogelijke verkeersoplossingen.

Eerst de verbeteringen:

  • Concentratie van al het fietsparkeren onder het station vlak bij de trap naar het perron. Hiermee wordt het voor reizigers heel aantrekkelijk om de fiets te gaan gebruiken om naar het station te gaan. De hoeveelheid plaatsen was nog niet helemaal duidelijk.
  • Het fietspad aan de oostkant van de Hoofdstraat moet een fietspad in twee richtingen worden, vooral om de vele scholieren vanaf De Breul een praktische route naar Driebergen te geven. Omdat we hier te maken hebben met een provinciale hoofdfietsroute een goede zaak.
  • In de verkeersregeling bij de Breullaan zijn mogelijkheden om fietsers 2x per cyclus groen te geven, de wachttijd voor dit verkeerslicht wordt hierdoor kort gehouden.
  • Tot zover het goede nieuws. De punten die nog niet verbeterd waren:

  • De te smalle tweerichtingenfietspaden. Wanneer brommers op het (brom)fietspad rijden en er meer dan 100 fietsers per uur rijden, schrijft de Ontwerpwijzer Fietsverkeer een fietspadbreedte van 4,00m voor (pagina 175). Een logische maat, zeker wanneer bedacht wordt dat fietsen steeds breder en sneller worden.
  • Haakse bochten bij de kruising bij De Breul en de kruising in het Stationsplein. Deze bochten zijn door het fietsverkeer in twee richtingen gevaarlijk en door onderhoudsverkeer (o.a. zoutstrooiers) niet te nemen. De minimale maat van de bochten bij een kruising is R = 12 (pagina 232), op wegvakken geldt een ontwerpsnelheid voor hoofdfietsroutes van 30 km/u.
  • Het fietspad in het Stationsplein ligt te dicht op de Stationsweg zelf. Hoe de voorrang geregeld wordt is nog niet duidelijk, maar automobilisten kunnen niet anticiperen op afslaand fietsverkeer en fietsers kunnen niet even wachten om over te steken, wachtruimte ontbreekt. Volgens het handboek (pagina 232) moet de afstand tussen hoofdrijbaan en fietspad 4 à 5 m binnen de bebouwde kom zijn, 6 à 7 m daarbuiten. Hoe de stationsomgeving precies beschouwd moet worden, weten we nog niet.
  • Ook ontbreekt opstelruimte bij de kruising met de Breullaan. De fietspaden liggen te dicht tegen de weg aan om de fietspaden vrij te kunnen houden voor afslaand verkeer. Tenminste 1 fietser moet vrij kunnen staan, met de hiervoor genoemde 4 à 5 m moet dat geen probleem zijn.
  • De neergaande helling bij het stationsplein ligt te dicht op de kruising naar het station. De Ontwerpwijzer zegt: Aandachtspunt bij neergaande hellingen is de snelheid van de dalende fietser.(..) Daarom moet onderaan hellingen voldoende uitlooplengte aanwezig zijn; er mag zich daar niet direct een kruispunt, scherpe bocht of ander obstakel bevinden. (pagina 53). Of de helling niet te steil is, konden we nog niet beoordelen, wel is helder dat het vanaf het station onmogelijk is om via een haakse bocht voldoende vaart te maken om het te smalle fietspad omhoog te rijden.
  • Op de avond werd duidelijk dat de ontwerpers nog onvoldoende aandacht aan deze punten hebben besteed. Ook voor voetgangers en gehandicapten (blinden, rolstoelers) was nog onvoldoende nagedacht. Er werd toegezegd om een aparte ontwerpavond te organiseren, waarop belangstellenden en deskundigen samen het ontwerp kunnen verbeteren. Wij blijven dit natuurlijk aandachtig volgen. In oktober/november 2011 zou het ontwerp door alle betrokken overheden vastgesteld moeten worden.

    Geen opmerkingen:

    Een reactie plaatsen